Direct naar de inhoud

Gids

Blauwalg en je hond: zo zwemt hij veilig in het binnenland

7 augustus 2026 · 2 min lezen

Blauwalg is voor honden gevaarlijker dan voor mensen. Een hond drinkt uit de plas, likt zijn vacht na het zwemmen en krijgt zo de gifstoffen binnen. Elke zomer overlijden er honden aan. In warm, stilstaand water is het oppassen, en het binnenland heeft daar meer van dan de kust.

Wat blauwalg is

Blauwalg is geen alg maar een bacterie die bij warm weer hard groeit in zoet water. Het drijft als een blauwgroene, olieachtige laag aan de oppervlakte en ruikt muf. Vanaf een graad of twintig watertemperatuur, weinig wind en veel voedingsstoffen ontstaat bloei. Juli en augustus zijn de risicomaanden.

De signalen bij je hond

Gifstoffen van blauwalg werken snel. Braken, diarree, sloomheid, trillen of stuipen binnen een uur na het zwemmen zijn alarmsignalen. Ga direct naar de dierenarts en wacht niet af. Spoel je hond na elke zwembeurt in verdacht water af met schoon water, voordat hij zich schoonlikt.

Zo check je het water vooraf

Provincies meten de officiële zwemplekken en zetten waarschuwingen op zwemwater.nl en in de app Zwemwater. Kijk daar voordat je vertrekt. Zie je bij de plas een blauwgroene sliert, drijflagen of dode vissen? Houd je hond eruit, ook als er geen bord staat. Niet elke kleine plas wordt gemeten.

De veiligere plekken

De aangewezen hondenstrandjes aan grotere, doorstroomde plassen hebben minder last dan ondiepe stadsvijvers. Het Erkemederstrand aan het Nuldernauw heeft stromend randmeerwater. De Gaasperplas in Amsterdam en het hondenstrandje in het Kralingse Bos worden als zwemwater in de gaten gehouden. Stromend water en diepte verkleinen de kans op bloei. Een dichtbegroeide sloot op een hete dag is het grootste risico.

Na het strand aan zee

Zout water kent geen blauwalg. Een hond die zeewater binnenkrijgt, drinkt zich soms ziek aan het zout. Neem ook aan de kust altijd zoet drinkwater mee, dan hoeft hij niet uit zee te drinken.

Stranden in dit artikel

Terug naar de gids